Van mbo naar hbo: geen probleem maar kans

hu_opendag_feb2016_hua_hu-amersfoort_002Bij de NOS verscheen enige tijd geleden een artikel waarin verschillende studenten van HU Amersfoort – een locatie waar sinds 2015 zowel mbo- als hbo-onderwijs wordt gegeven – aan het woord kwamen over hun overstap van het mbo. Die overstap wordt maar al te vaak geproblematiseerd, terwijl er bij Hogeschool Utrecht juist alle reden is om de successen van deze groep te belichten. Ondanks de grootstedelijke problematiek waar we mee te maken hebben, scoren mbo-ers beter bij de HU dan landelijk in het hbo. Ook is het diplomaredendement van mbo-ers na vijf jaar hoger dan dat van havisten. En terwijl de instroom uit het mbo stijgt, daalt bij ons de uitval onder mbo-ers. En dat te bedenken dat mbo-ers met een tegenvallende start in het hbo een prima alternatief hebben: met een mbo-diploma de arbeidsmarkt op gaan. Dat maakt uitval van deze groep een stuk minder problematisch dan uitval van havisten, iets dat vaak over het hoofd wordt gezien.

Het is goed om te waken over het studiesucces van diverse groepen en oog te hebben voor de verschillen, maar je moet waken voor onnodige problematisering. Niet alleen voor mbo-ers maar voor alle nieuwe studenten geldt dat veel winst is te halen bij de overstap naar onze hogeschool. Hoe beter de begeleiding naar een nieuwe opleiding, hoe beter de kans op studiesucces. Daarom voeren we regelmatig overleg met vooropleidingen en partners in de onderwijsketen. Zo zat ik op 18 november aan tafel met diverse ROC’s, de MBO Raad, andere hogescholen en de Vereniging Hogescholen, om te kijken hoe we de overstap naar het hbo nog soepeler kunnen laten verlopen.

Van cruciaal belang voor een succesvolle overgang naar het hbo zijn de laatste periode van de vorige opleiding, waarin een realistische voorbereiding op het hbo noodzakelijk is, en de eerste periode van het hbo, waarin een goede start noodzakelijk is om de motivatie van de student te behouden – en daarmee de student zelf. Intensieve samenwerking van de HU en mbo-instellingen uit de regio hebben de afgelopen jaren al diverse initiatieven opgeleverd. Zo worden pre-bachelor mogelijkheden samen met het regionale mbo ontwikkeld en opgeschaald, waardoor studenten beter voorbereid bij ons komen. Ook hebben wij voor alle studenten een verplichte studiekeuzecheck ingevoerd. Deze helpt nieuwe studenten zich bewust te worden van mogelijke overgangsproblemen, zodat zij hier tijdig aan kunnen werken. Zo zijn er tal van initiatieven.

Wie meent dat we de drempel naar het hbo niet moeten verlagen maar juist moeten verhogen, om zo alleen de meest getalenteerde studenten binnen te halen en op deze wijze het rendement te verhogen, gaat niet alleen voorbij aan het feit dat talent niet de probleemfactor is; hij gaat ook voorbij aan de maatschappelijke noodzaak van laagdrempelige toegang tot een vervolgstudie. Mensen optimale kansen bieden op de arbeidsmarkt is de beste manier om mensen optimale kansen te bieden op een plaats in de maatschappij. Onderwijs is een onmisbare schakel in het streven naar een inclusieve samenleving en daarmee een van de belangrijkste sociale voorzieningen voor de stedelijke omgeving. Voor die inclusieve samenleving moeten we juist inzetten op doorstudeermogelijkheden – zeker voor mbo-ers, nu de arbeidsmarkt steeds meer op een zandloper begint te lijken: onderaan de lager opgeleide vakmensen, bovenaan de hoog opgeleide top en het middensegment valt – mede door verregaande automatisering – steeds verder weg. Willen we mensen aan het werk krijgen en houden, dan zal een deel van dit middensegment naar het hogere segment moeten bewegen. Een overstap van het mbo naar het hbo is primair dan ook geen probleem maar juist de basis van een enorm potentieel voor de arbeidsmarkt in onze regio.

Jan Bogerd

Leave a Reply