Discours Analytische Bril Energy

Discours Analytische Bril Energy: een interactioneel handelingsperspectief voor communicatieprofessionals in het energiedomein

Hoe kun je de dialoog aangaan over duurzame energie? Hoe ga je om met weerstanden van omwonenden? En hoe sluit je daarbij aan bij de beleving van mensen? Om antwoord te kunnen geven op deze complexe vragen, heeft PubLab in samenwerking met Hanzehogeschool de afgelopen twee jaar onderzoek gedaan naar de manier waarop burgers lokale energietoepassingen bespreken. De resultaten uit dit onderzoek hebben we verwerkt in een training. Deze training moet communicatieprofessionals in staat stellen effectiever te communiceren over energie, door beter aan te sluiten bij het gesprek dat in de samenleving wordt gevoerd. Graag vertel ik je in deze blog meer over het project, onze inzichten en natuurlijk de training.

Wat hebben we onderzocht?
Vanuit een tweejarig RAAK-subsidieproject ‘Let’s Talk Energy’ hebben we discursief onderzoek verricht naar gesprekken over drie Noordelijke energietransitie-cases: 1) de biovergister in Hoogkerk, 2) de gaswinning op Terschelling en 3) windpark Drentse Monden Oostermoer. Bij alle cases was sprake van weerstand onder de (lokale) bevolking en steeds werd maatschappelijke commotie veroorzaakt. We hebben alle cases aan een discoursanalyse onderworpen. Dit betekent dat we hebben gekeken naar taal: hoe draagt taalgebruik op sociale media bij aan het gesprek over energietransitie? Onze aandacht ging dus niet uit naar de inhoud van uitspraken, maar naar de vorm ervan. Op welke manier uiten burgers door middel van taal bijvoorbeeld weerstand? En wat is daarvan het effect? Door hier naar te kijken, kun je tot verrassende inzichten komen die overheden helpen beter aan te sluiten bij de burger.

Eén van de highlights uit het onderzoek
Let’s Talk Energy heeft mooie resultaten opgeleverd. Eén van de vele interessante resultaten van het project was dat burgers hun weerstand verantwoordden. Zo zeiden burgers bijvoorbeeld niet expliciet ‘ik ben tegen windmolens’, maar werd weerstand op indirecte wijze geuit. Burgers droegen bijvoorbeeld argumenten aan die tegenstand suggereren. Bekijk bijvoorbeeld het fragment hieronder, waarin de beschermde status op Terschelling als reden wordt aangevoerd tegen de gaswinning:

Doordat de beschermde status van Terschelling wordt aangehaald en benadrukt, wordt weerstand tegen de gaswinning hier gelegitimeerd. Ook bij andere cases was dit het geval, bijvoorbeeld door te verwijzen naar situaties waarbij het misging of door (negatieve) persoonlijke ervaringen en rampscenario’s te schetsen.

Gespreksdeelnemers verrichtten dus allerlei inspanningen om hun weerstand te verantwoorden. Dit wekt de suggestie dat weerstand uiten niet zonder meer mag en dat verantwoorden dus daadwerkelijk nodig is. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat je sociale status als spreker op het spel staat. Als gespreksdeelnemer wil je niet worden gezien als anti-duurzaam of egoïst. Door argumenten te gebruiken die de vanzelfsprekendheid van de weerstand tegen boren benadrukken, voorkom je beschuldigd te worden van dit type egoïsme.

Van onderzoek naar instrument: de Discours Analytische Bril Energy
Bovengenoemd inzicht hebben we samen met andere inzichten verwerkt in een training voor communicatieprofessionals. Doel van deze training is het vergroten van de interactionele gevoeligheid, zodat je als communicatieprofessional beter aan kunt sluiten bij de omgeving en het gesprek dat gevoerd wordt. Hieronder licht ik kort de opzet toe.

Introductie van het perspectief 
We starten de training met een introductie van ons perspectief. We maken onder andere duidelijk dat we naar taalgebruik kijken en naar de effecten daarvan, niet naar achterliggende bedoelingen. Ook de relevantie van onze benadering lichten we uitgebreid toe.

Het verkennen van aandachtsgebieden

Met enige kennis op zak gaan de deelnemers drie aandachtsgebieden verkennen. Naast het hiervoor al besproken weerstand legitimeren, zijn dat contrasten creëren en zelfpresentaties. Deze aandachtsgebieden zijn gebaseerd op de belangrijkste activiteiten die we zien in het gesprek over duurzame energie. Ze worden verkend aan de hand van data uit ons onderzoek. Hoe draagt taalgebruik bijvoorbeeld bij aan het legitimeren van weerstand? Hoe wordt door taal een contrast gecreëerd? En hoe presenteren gespreksdeelnemers zichzelf? We leren cursisten dus echt te kijken met een Discours Analytische Bril (DAB).

Gesprekszorgen

In het tweede deel van de training introduceren we het begrip ‘gesprekszorg’. Deelnemers krijgen aan de hand van een plenaire vraag: ‘waar kunnen sprekers van beschuldigd worden’ inzicht in belangrijke gesprekszorgen in het discours over duurzame energie. Dit is belangrijk voor een goede afstemming in de communicatie.

Een effectieve reactie formuleren
Met kennis over gesprekszorgen en het taalgebruik dat wordt ingezet, kan een begin worden gemaakt met het formuleren van een reactie. Deelnemers kruipen daarbij in de huid van de Suiker Unie (exploitant van een biovergister – een apparaat dat biogas wint uit mest en andere organische stoffen-) en moeten reageren op zorgen van burgers in het Dagblad van het Noorden. In de nabespreking worden verschillende reacties bediscussieerd.

Wat werkt in de data?
We eindigen met resultaten uit een ander project: ‘Frames met Energie’. Daarbij hebben we de communicatie rond drie succesvolle (lokale) energie-initiatieven bestudeerd: Grunneger Power, Urgenda en de Amelander Energie Coöperatie. Uit de data komt een aantal succesvolle talige handelingen naar voren (bijvoorbeeld het creëren van collectiviteit), die in vergelijkbare gesprekscontexten hetzelfde kunnen werken. Ter kennisneming dus!

Uiteindelijk hopen we dat iedere deelnemer na de training zijn/haar interactionele gevoeligheid heeft vergroot en de DAB ook in de eigen werkpraktijk toe kan passen.

Deze blog is geschreven door Maartje Harmelink, docent-onderzoeker bij het PubLab.

Verder lezen: