(Hoe) raken we de auto kwijt?

carDoor Anita van Essen, docent-onderzoeker bij het lectoraat Crossmediale Communicatie in het Publieke Domein. 

Hoe raken we de auto kwijt? Dit was de centrale vraag in deze uitzending van Tegenlicht. Hieruit blijkt dat ons reisgedrag de afgelopen jaren is veranderd en blijft veranderen in een toekomst waarin elektrische auto’s, zelf bestuurbare auto’s en autodeel-services sterk in opkomst zijn. De jongere generatie is steeds minder gehecht aan het hebben van een eigen auto. Onder andere doordat dit vervoersmiddel het als statussymbool steeds vaker moet afleggen tegen bijvoorbeeld de nieuwste smartphone.

Toch staan we anno 2014 nog steeds met zijn allen in de file. Bijvoorbeeld op de Utrechtse Uithof, waar ik zelf als onderzoeker van het Lectoraat Crossmediale Communicatie in het Publieke Domein (PubLab) vrijwel dagelijks naartoe reis. De neiging van overheden, organisaties en instanties is al jarenlang om het fietsen te stimuleren als hét alternatief voor de auto. De vraag is of de fiets voor de automobilist echt een (goed) alternatief is. Wat hebben we ervoor over om te gaan fietsen? Om te beginnen, hoe ver willen we er letterlijk voor gaan?

We namen voor Hogeschool Utrecht (HU) de proef op de som in een grootschalig onderzoek. We vroegen ruim 1200 medewerkers hoe ver ze zouden willen fietsen naar hun werk. Gemiddeld gaf men aan 11 km te willen fietsen. Als we dit vergelijken met de 7,5 kilometer waarbinnen gemiddeld gezien de meeste fietsritten in Nederland worden gemaakt (CBS, 2013) leek dit een bijzonder hoge uitkomst. Te mooi om waar te zijn?

Er zit, zoals we inmiddels uit vele onderzoeken weten, een kloof tussen onze intenties en ons daadwerkelijke gedrag. Zou dat hier ook het geval zijn? Om hier meer zicht op te krijgen, vroegen we HU-medewerkers naast de kilometers ook naar de tijd die ze zouden willen fietsen. Wat bleek? Men wil gemiddeld 31 minuten fietsen, wat bij een gangbare snelheid van 15 km/h neerkomt op een afstand van ongeveer 7,5 km. Ook keken we naar het daadwerkelijke gedrag van de huidige fietser. Hieruit bleek dat men gemiddeld ± 6 km naar het werk fietst. Deze cijfers zetten ons weer met beide benen op de grond, de 11 km die mensen bereid zijn te fietsen was waarschijnlijk een gevalletje ‘wishful thinking’. Een mooi voorbeeld van wat we noemen ‘onze toekomstige ik is altijd beter’.

Vervolgens vroegen we ons af: waarom neem je de auto naar het werk als je binnen fietsafstand woont (7.5 km)? Comfort, de ervaring van bewegingsvrijheid en snelheid bleken hierin doorslaggevend. Belangrijk om ons hierbij te realiseren, is dat dit de persoonlijke, subjectieve beleving is. Op papier is de auto op de korte afstand namelijk niet sneller dan de fiets, om maar een voorbeeld te noemen.

Wat betekent dit voor de fiets als alternatief voor de auto? Allereerst is de fiets blijkbaar geen volwaardige vervanger voor alle autoreizen. De fiets is geen doel op zich, maar kan deel uitmaken van een duurzame reis. Denk bijvoorbeeld aan de combinatie tussen parkeergarages en OV-fietsen. Daarnaast is het belangrijk dat het openbaar vervoer ons datzelfde gevoel van bewegingsvrijheid geeft als we met autoreizen ervaren. En dan met name het gevoel van behoud van controle over de reis door bijvoorbeeld overzicht te hebben van alle alternatieven. Valt er bijvoorbeeld een bus uit, dan moet direct duidelijk zijn hoe de reis voortgezet kan worden. Ook in de planning van de reis valt hier het nodige te verbeteren. Er zijn nog geen reisplanners die bijvoorbeeld de combinatie van eigen fiets-trein-OV fiets aan kunnen. Oplossingsrichtingen die wijzen naar het faciliteren van de duurzame reis, een mooie uitdaging voor service design dus!

Meer lezen?

 

Reageer

U dient aangemeld te zijn om te reageren.