Intimiteit en seksualiteit bespreekbaar maken bij kanker

Leestijd +- 4 minuten

Een tijdje geleden trok de volgende nieuwskop in Trouw mijn aandacht: ‘Kankerpatiënten horen van artsen te weinig over het leven na hun behandeling’. Zij zouden onvoldoende informatie krijgen van zorgverleners over de langetermijngevolgen van behandelingen.

Uitkomsten van dit onderzoek van de Nederlandse Federatie Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) sluiten goed aan bij het promotieonderzoek waarmee ik net gestart ben: Praten over intimiteit en seksualiteit in een medische setting: een onderzoek naar gesprekken tussen zorgprofessionals en patiënten met kanker. Ook over de invloed van kanker op intimiteit en seksualiteit wordt namelijk nog te weinig gesproken.

Bespreekbaar maken
De meeste vormen van kanker kunnen leiden tot veranderingen in intimiteit en seksualiteit. Al voorafgaand aan het behandeltraject is het belangrijk om hier als zorgprofessional met patiënten over te praten. Dit kan patiënten helpen om een keuze te maken over de behandeling die zij wensen. Patiënten kunnen bijvoorbeeld kiezen voor een behandeling die minder risico’s met zich meebrengt op seksuele bijwerkingen [1].

Maar het gaat bij veranderingen in seksualiteit niet alleen om dit soort bijwerkingen. Ook op emotioneel en relationeel gebied kunnen veranderingen plaatsvinden. Voor patiënten staat echter het overleven voorop. Pas later bemerken zij veranderingen in intimiteit en seksualiteit en geven zij aan dat ze hadden gewild dat de zorgverlener deze gevolgen had besproken tijdens het behandeltraject [2]. Het is echter voor beiden een moeilijk onderwerp om te bespreken. Zorgverleners voelen zich er bijvoorbeeld ongemakkelijk bij of ze vinden zichzelf niet kundig genoeg om hierover te praten [3]. Hierdoor blijven patiënten vaak langer rondlopen met vragen en zorgen dan nodig is.

Omgaan met gesprekszorgen
NFK roept zorgverleners nu op om de vertaling te maken van medische mogelijkheden voor de patiënt naar concrete gevolgen zoals kunnen blijven werken, sociale activiteiten en intimiteit. Maar hoe doe je dit precies als zorgprofessional? Hoe maak je een onderwerp als intimiteit en seksualiteit bespreekbaar? Zowel patiënten als zorgprofessionals hebben in de gesprekken tijdens het behandeltraject te maken met gesprekszorgen [4,5].

Gesprekszorgen worden herkend aan de talige handelingen die patiënten en zorgprofessionals, al dan niet bewust, inzetten. Deze zorgen laten zien wat in de interactie op het spel staat. Bijvoorbeeld: hoe initieer je als zorgprofessional een gesprek over de gevolgen van de ziekte en behandeling voor seksualiteit, zonder daarbij het belang van overleven te ondermijnen? En hoe kan een patiënt seksuele problemen aankaarten, zonder dat daarbij deze ervaringen als afwijkend worden bestempeld? Maar in het gesprek over seksualiteit draait het niet alleen om de patiënt en de zorgprofessional. Ook partners moeten niet worden vergeten. Zij kunnen een belangrijke rol vervullen in het verkennen en oplossen van eventuele problemen. De vraag is of zij op dit moment voldoende worden erkend in de gesprekken over seksualiteit.

Aan de slag vanuit een discursief psychologisch perspectief
De komende vier jaar probeer ik antwoorden te vinden op al deze vragen door gesprekken tussen zorgprofessionals, patiënten met kanker en hun eventuele partner te analyseren volgens een discursief psychologisch perspectief. Hiermee kan inzicht worden verkregen in de gesprekszorgen die het bespreken van intimiteit en seksualiteit bij kanker in de weg staan. Uiteindelijk hoop ik handvatten te kunnen bieden aan zorgprofessionals om het gesprek over intimiteit en seksualiteit te verbeteren.

Deze blog is geschreven door Irene Kelder, onderzoeker bij het PubLab in het onderzoeksdomein ‘communicatie & gesprek’

Meer weten?

Bronnen:

[1] Flynn, K. E., Reese, J. B., Jeffery, D. D., Abernethy, A. P., Lin, L., Shelby, R. A., … & Weinfurt, K. P. (2012). Patient experiences with communication about sex during and after treatment for cancer. Psycho‐Oncology21(6), 594-601.
[2] Nederlandse Vereniging Psychosociale Oncologie (2017). Kanker en seksualiteit. Psychosociale oncologie, 25(4), 1-32.
[3] Stead, M. L., Brown, J. M., Fallowfield, L., & Selby, P. (2003). Lack of communication between healthcare professionals and women with ovarian cancer about sexual issues. British journal of cancer88(5), 666.
[4] Potter, J. (1996). Representing reality: Discourse, rhetoric and social construction. London: Sage.
[5] Lamerichs, J., Koelen, M., & te Molder, H. (2009). Turning adolescents into analysts of their own discourse: Raising reflexive awareness of everyday talk to develop peer-based health activities. Qualitative Health Research19(8), 1162-1175.