Blended learning

Wat

Blended learning is leren in verschillende leeromgevingen. ‘Blended’ betekent gemengd. Deze mix (‘blend’) bestaat uit een te kiezen combinatie van face-to-face-onderwijs, leren op de werkplek, leerteamleren, online leren en individueel leren.

Blended learning is dus niét te verwarren met de digitale leeromgeving (e-learning, HUbl, MOOC’s). De digitale leeromgeving is één van de leeromgevingen waarvan blended learning gebruikmaakt, naast andere, waaronder een lokaal of ruimte, de werkplek en het leerteam. Er blijft bij blended learning dus ook vrijwel altijd sprake van contactonderwijs. Digitale omgevingen bieden wel nieuwe mogelijkheden om verschillende leeromgevingen te combineren.

Hoe

De beroepscontext is in blended learning altijd leidend. Leren op de werkplek vormt een van de leeromgevingen van de ‘blend’ en geeft vorm aan onderwijs in co-creatie met de beroepspraktijk.

Technologie speelt een ondersteunende rol bij blended learning. Voorbeelden van klassieke technische hulpmiddelen in het onderwijs zijn: flexibel ingerichte klaslokalen, open werk- en overlegplekken, (interactieve) schoolborden en boeken. Online platforms, digitale content en smartphones zijn van recentere datum. Het platform HUbl is een digitale leeromgeving die de interactie en het werken met moderne middelen ondersteunt en het combineren van verschillende leeromgevingen faciliteert. HUblStudio biedt technische en didactische ondersteuning aan docenten door camera- en montage-experts. Docenten kunnen hier bijvoorbeeld een online-film (laten) maken en krijgen hulp bij het gebruik van plaatjes en animaties. Er is een studio met green screen, maar ook opname op locatie is mogelijk.

Waarom

Door blended learning krijgen studenten veel gevarieerder onderwijs. Een goede mix van leeromgevingen biedt studenten veel en verschillende leerervaringen: samen in een groep/klas, in de praktijk, in het leerteam, online en individueel.

Blended learning maakt gepersonaliseerd leren beter mogelijk. Studenten maken zich online en op hun eigen leer- of werkplek al veel kennis en ervaring eigen. Ook kan er online al kennis en feedback worden uitgewisseld. Zo krijgt het face-to-face-onderwijs meer toegevoegde waarde: er is meer tijd voor verdieping op de stof en voor persoonlijke en professionele ontwikkeling. Een passende mix van verschillende leeromgevingen vergroot zo het leerrendement. Blended learning zorgt ook voor verdieping van het contact tussen student en docent, en tussen studenten onderling.

Samenhang

Blended learning is een van de drie didactische uitgangspunten van het HU-onderwijs, naast ervarend leren en het leerteam. Voor blended onderwijs vormt de werkplek een van de leeromgevingen. Het onderwijs komt zo tot stand in co-creatie met de beroepspraktijk, een van de vijf uitgangspunten van de HU-onderwijsvisie.

Voorbeelden

Theo van den Bogaart (docent Instituut Archimedes), betrokken bij het ontwikkelen en uitvoeren van de blended master Leraar Wiskunde: “Een aspect dat individueler en anders geworden is: we zijn kennisoverdracht gaan opnemen en bieden verwerkingsopdrachten eromheen aan. In het voorbereidende gedeelte zitten weblectures, stukken film, opdrachten en gezamenlijke documenten van studenten. Die vormen de basis voor de bijeenkomst. Iedereen die daar verschijnt, heeft er van tevoren over nagedacht en het is zichtbaar waar men staat. We zien dat het een kwaliteitsimpuls geeft, omdat je je leerproces van tevoren opstart. Studenten zijn beter voorbereid, waardoor we de bijeenkomst heel effectief kunnen gebruiken. Dat zijn zeer positieve resultaten; ik ben andere mastercursussen eveneens blended gaan aanbieden. HUbl is hierbij een rijke digitale leeromgeving. Daarmee doorloop ik een wekelijkse cyclus met studenten met voorbereidende opdrachten, samenwerking op afstand in een leerteam of in college met leerteams, en afsluitend een consoliderend en reflecterend moment, waarna je vaststelt wat er gedaan is.”

Xenia Münninghoff (student Pedagogiek), zette een hoorcollege om naar blended learning: “Ik denk dat het veel beter aansluit bij de student van nu. Als ik zelf op zoek ga naar hoe ik een taart moet bakken, doe ik dat met YouTube-filmpjes en niet met een kookboek. Dat is hoe de meesten nu leren; interactief, met snelle toegang tot diverse bronnen en met visueel rijk materiaal. Dat stimuleert veel meer dan de traditionele wijze van onderwijs. Heb je meer uitdaging nodig, dan kun je versnellen. Vind je het moeilijk, dan kun je wat langzamer gaan en bijvoorbeeld lesstof nog een keer online bekijken.”