Biologie 02 – practicumverslag reflectie deel 2

Biologie 02 – practicumverslag reflectie deel 2

Deel 2: “verbeterpunten schrijfopdracht”

Kijkvragen

  1. Welke twee redenen noemt de docent voor het herschrijven van de handleiding bij deze opdracht?
  2. Waarom noemt de docent juist deze twee zaken, denk je?
  3. De docent geeft op een later moment in het interview aan [hier niet opgenomen] dat hij het prettig zou vinden als derden de herschreven handleiding nogmaals zouden lezen. Zijn vragen aan de lezers zouden zijn: a)Wat voor feedback geven de leerlingen in deze fragmenten? b) Wat zou jij op basis van deze fragmenten aan feedback geven?
  4. De jongens geven andere feedback dan de meisjes. Hoe kun je dit verschil interpreteren?

Klik hier voor het transcript bij fragment 1.

Videofragment 2

Klik hier voor het transcript bij fragment 2.

Videofragment 3

Klik hier voor het transcript bij fragment 3.

Materialen

Handleiding practicumverslag: originele en herschreven inleiding, waarin wordt ingegaan op het doel van het schrijven van het verslag.

Opdrachten

  1. Gebruik voor deze opdracht een handleiding van een schriftelijke verwerkingsopdracht van je eigen vak (of van een ander vak).
  2. Neem een hardopdenkprotocol af bij een leerling terwijl die met deze handleiding werkt.
  3. Vraag na afloop aan de leerling welke moeilijkheden hij/zij ondervond bij het werken met de handleiding.
  4. Werk het protocol eventueel uit in een transcriptie.
  5. Vergelijk het protocol met de antwoorden van de leerlingen.
  6. Werk de volgende vraag uit: op welke punten kan de handleiding worden herschreven?

Theorie

  1. Wat moet volgens jou een vakdocent weten van onderstaande onderwerpen om deugdelijke schriftelijke verwerkingsopdrachten aan zijn leerlingen te kunnen aanbieden?

2. Vind je dat die theorie identiek moet zijn voor een docent Nederlands en voor docenten van andere vakken?

Taalcompetenties

Aansluitend bij vraag 1 en 2 bij het onderdeel theorie die gaat over de vereiste theorie op het gebied van schrijven: in de docentcompetenties voor eerstegraads leraren wordt verwoord welke competenties docenten van alle vakken op dit gebied zouden moeten bezitten.

VICL-competentie 3: Vakinhoudelijke en didactische competentie Vereisten Kennis

Heeft kennis van de invloed van taalbeheersing en taalverwerving op het leren en weet daar in de praktijk rekening mee te houden. 

  • Het kunnen geven van goede schrijfopdrachten aan leerlingen
  • Het kunnen schrijven van een deugdelijke handleiding
  • Het kunnen geven van feedback op product en proces
  • Het leerlingen kunnen verduidelijken hoe en waarom ze commentaar kunnen geven op elkaars teksten.
  • Het kunnen beoordelen van een originele tekst en de herschreven versie(s).
  • Het kunnen verwerken van kritiek op een tekst.