Biologie 01 – practicumverslag deel 2

Biologie 01 – practicumverslag deel 2

Deel 2: “publiek”

Kijkvragen

    1. In hoeverre lijkt de tekst van de meisjes inderdaad op die van een betoog? Op welke punten wijkt het verslag daarvan af? Zie hiervoor ook de richtlijnen die op school aan de leerlingen zijn uigereikt (onder het kopje ‘materialen’).
    2. Waaruit blijkt dat de leerlingen bij het schrijven van het verslag rekening hebben gehouden met hun publiek?
    3. Waarom is het belangrijk dat leerlingen bij een schrijfopdracht een publiek voor ogen houden?
    4. De biologiedocent noemt drie citeria waaraan de leerlingverslagen omwille van de leesbaarheid moeten voldoen. Kun je er nog twee bedenken?

Videofragment 1

Klik hier voor het transcript bij fragment 1.

Videofragment 2

Klik hier voor het transcript bij fragment 2.

Videofragment 3

Klik hier voor het transcript bij fragment 3.

Videofragment 4

Klik hier voor het transcript bij fragment 4.

Samenvatting onderdeel “publiek”

Voor wie hebben de leerlingen hun verslag nu geschreven? In eerste instantie voor hun biologiedocent. Na gerichte vragen van interviewer Piet-Hein komen de meisjes tot de conclusie dat hun verslag het meest lijkt op een betoog en dat er bepaalde voorkennis nodig is om dit verslag goed te kunnen begrijpen, onder andere omdat er meer vaktaal in zit dan in verslagen voor andere vakken.
Ook de jongens zeggen dat er specifieke voorkennis (van biologie) nodig is om het verslag te kunnen lezen. Zij menen echter dat datzelfde geldt voor verslagen van andere vakken, zoals Nederlands. Ze kunnen dat echter niet concretiseren.
Docent Wim noemt drie criteria voor de leesbaarheid van het verslag: (1) anderen moeten het kunnen lezen zonder haperingen, (2) ze moeten snappen wat er gedaan is en (3) ze moeten ook kunnen navertellen hoe de proef is verlopen