Theorie Algemeen

Taalfuncties

Omschrijving De verschillende gebruiksmogelijkheden van taal.
Toelichting Taal is een middel om te communiceren, om inhouden uit te drukken. Daarbij kan taal op verschillende manieren en voor verschillende doeleinden gebruikt worden.
De functies van taal zijn op veel manieren onderscheiden en beschreven. Een veel gebruikt onderscheid is de driedeling in:

– de communicatieve functie van taal: taal wordt gebruikt om te communiceren met anderen. Een taalgebruiker wil iemand bijvoorbeeld informeren of amuseren;

– de conceptualiserende functie van taal: in taal wordt de werkelijkheid geïnterpreteerd. In taal gebruik je woorden, zinnen en teksten. Deze bevatten voor de spreker en luisteraar betekenissen en concepten. Een taalgebruiker benoemt de werkelijkheid om zich heen en beschrijft relaties. Hiermee krijgt hij grip op die werkelijkheid. Daarbij is sprake van zowel cognitieve processen (het ontwikkelen van kennis) als van meer affectieve processen (het ontwikkelen van aan kennis gekoppelde emoties, normen en waarden). Met name deze conceptualiserende functie van taal speelt een rol in vaklessen;

– de expressieve functie van taal: taal wordt gebruikt om uitdrukking te geven aan persoonlijke visies en emoties.
In taalgebruik zijn altijd alle functies tegelijk aanwezig, maar vaak ligt er een duidelijke dominantie bij één van de drie. Bijvoorbeeld een leerling die te laat binnen komt rennen, vertelt dat zijn wekker niet afging (conceptualisering) en dat hij het erg vervelend vindt dat hij nu te laat is (expressie) en hij verontschuldigt zich (communicatie). Maar deze leerling kan ook kiezen de nadruk op één van de drie te leggen (de wekker natuurlijk).

Zie ook cognitieve ontwikkeling en taal; cognitieve taalfuncties; vakmatig redeneren