Theorie Algemeen

Tekstbegrip

Omschrijving De mate waarin de lezer betekenis kan verlenen aan een tekst.
Toelichting De omvang van de woordenschat en de prestaties op het gebied van begrijpend lezen vertonen een sterke samenhang
Woordkennis is bepalend voor tekstbegrip. Om een tekst goed te kunnen begrijpen, blijken leerlingen minimaal 85 procent van het totaal aantal verschillende woorden uit de tekst te moeten kennen. Sommigen gaan echter uit van een percentage bekende woorden van 90 procent. Met een tekstdekking lager dan 75 procent herkent men zelfs de hoofdzaken uit een tekst niet.
Woordenschat is voor het begrijpen van teksten heel belangrijk. Leerlingen die het Nederlands als tweede taal leren en leerlingen uit sociaal zwakke milieus hebben vaak een beperkte woordenschat. Daardoor vinden zij het moeilijk om teksten goed te begrijpen. Hun kennis is vaak niet alleen beperkt wat betreft het aantal woorden en begrippen (de omvang of breedte), ook het niveau of de diepgang van de kennis is beperkt.
Anderzijds vergroten leerlingen ook juist hun woordenschat door te lezen, hiernaar wordt verwezen met de term ‘leeswoordenschat’. Dit is de woordvoorraad die een leerling opbouwt door te lezen. De leeswoordenschat bouwt voort op de mondelinge woordenschat van kinderen.
Zie ook woordenschatopbouw; woordkennis en geheugen; woordenschatontwikkeling; woordenschat en schoolsucces