Energie in Groningen

Dit is een blog van Jan Eberg, hoofddocent bij de opleidingjandefweb Integrale Veiligheidskunde (IVK) van de faculteit Maatschappij en Recht. Vanuit die rol is hij als onderzoeker betrokken bij The Next Level @Crisis via Crossmedia.

Het was een koude februaridag en de reis was lang naar het stille, ietwat verlaten aandoende Loppersum. Maar het ontvangst in Hotel Spoorzicht was hartelijk en tezamen met de grote opkomst voorspelde dat een warme bijeenkomst. De eerste presentaties ontlokten aan sommige aanwezigen zelfs vurige reacties. Dit kon wel eens een verhitte middag worden.

Ik was in Groningen voor de Aardbevingsconferentie. De bijeenkomst had als titel ‘Met kennis en kunde naar een duurzame toekomst’ en was georganiseerd door KADO, het Kenniscentrum Aardbevingen en Duurzame Ontwikkeling, verbonden aan de Universiteit Groningen. Centraal stond de kennisagenda voor de toekomst van het gaswinningsgebied. Dit wordt zeer breed ingestoken; het gaat om het borgen van duurzame ontwikkeling, zowel technisch, juridisch als ethisch, en zowel ten aanzien van veiligheid en gezondheid, ondergronds en bovengronds. De aardbevingen in Groningen zijn geen mini-crisis meer. Het is inmiddels zelfs meer dan een crisis. Hier staat de ontwikkeling van de leefomgeving van een regio op het spel.

Het publiek van de conferentie bestond uit vertegenwoordigers van betrokken organisaties, wetenschappers en bewoners uit de regio. Zij werden gevraagd om een dialoog te houden over wat nu de grote kennisvragen zijn voor de toekomst van dit gebied. Op 30 januari was tijdens een burgerraadpleging al de eerste input gegeven. De resultaten daarvan werden door het Kenniscentrum Filosofie gepresenteerd en toegelicht. Zij onderzoeken nieuwe vormen van burgerparticipatie en willen weten welke kennis hoe aansluit bij de kennisbehoefte van bewoners. Een greep uit de vragen die zij inventariseerden:

1.    Aan welke voorwaarden moet onafhankelijk onderzoek voldoen?
2.    Wat is er nodig ten aanzien van respect, vertrouwen, invloed en geld om het Noorden economisch, psychologisch en sociaal te herstellen en op de been te houden?
3.    Hoe ontwikkelen we een Deltaplan voor het Noorden gericht op sociale, economische creatieve en ecologische vernieuwing van het gebied?
4.    Hoe versterk je de unieke kenmerken van Groningen voor een aantrekkelijke, kansrijke en veilige toekomst in de provincie?
5.    Hoe kunnen méér Groningers hun stem laten gelden? (Waarom protesteren Groningers zo weinig?)

In aansluiting hierop konden de aanwezigen in groepjes verder praten over de grote vragen die in de kennisagenda voor de regio centraal zouden moeten staan. De belangrijkste thema’s die werden genoemd waren: wederzijds vertrouwen, samenwerking en participatie in de regio, creëren van een duurzame leefomgeving, de verbetering van het imago van de regio, vraagstukken over machtsverdeling en regie, het borgen van veiligheid, het bieden van toekomstperspectief en de ontwikkeling van een coherente visie op de toekomst. Als voorwaarde voor het opstellen van die agenda én voor de uitvoering ervan werd gesteld dat onafhankelijkheid essentieel is.

De sfeer van de uitwisselingen was vriendelijk, maar de emotionele betrokkenheid van de aanwezigen voerde de boventoon. Het leek wel of vraag 5 hierboven, over protesteren, maar even direct in de praktijk werd gebracht. Dat begon al in het openingswoord van de burgemeester van Loppersum: ‘Er is hier veel gas uit de grond gepompt, maar veel wantrouwen er in gepompt.’ Dat het sleutelwoord in deze casus ‘vertrouwen’ is, beschrijf ik ook in mijn rapport ‘Context-analyse: Vier cases doorgelicht’. Vanaf 2015 is in Groningen een ontwikkelfase gestart van overleg, onderhandeling, consensus en compromis. Maar het zal nog jaren duren voordat de meerderheid van de betrokkenen in Groningen tevreden en gerust is gesteld.

Er was een mooi moment van opwinding in de volle zaal toen mensen uit het publiek de sprekers corrigeerden op het gebruik van het woord ‘aardbeving’. De Groningers willen het niet hebben over ‘aardbeving’. Zij spreken liever van ‘gaswinningsgebied’, ‘mijnbouw’ en ‘mijnbouwschade’. ‘Aardbevingsgebied’ is, volgens aanwezigen, een politieke term. Een aardbeving zien Groningers als iets incidenteels, terwijl het voor hen gaat om het structurele probleem: mijnbouw(schade). Er is dus (nog steeds) een discours-strijd in volle gang.
Dat is het verschil tussen een nieuwsbericht en een getuigenverslag. Er gebeurde ter plekke meer dan wat in het programma stond. Zo heerste er een heuse anti-NAM spanning. Veel mensen zijn er nog steeds vol van dat de Nederlandse Aardolie Maatschappij, als gaswinner, eerst lang het verband tussen gaswinning en aardbevingen heeft ontkend en gebagatelliseerd, en later het afhandelen van schademeldingen en het versterken van de huizen en de regio heeft gefrustreerd. Er werd geregeld hardop geroepen: ‘Dat is de vijand!’, ‘We kunnen niet vrijuit spreken’ en ‘Ze bedotten de boel’. Dit was dus een bijeenkomst over een agenda voor wetenschappelijk onderzoek. Er waren mensen van de universiteit, hogeschool, veiligheidsregio, bedrijven en bewoners, en één persoon die z’n vinger opstak na de vraag ‘Is er iemand van de NAM aanwezig?’ De milieupsychologe in het panel werd ook niet echt meer vertrouwd toen ze zei dat hun onderzoek was gefinancierd door de NAM.

Het rommelt in Groningen. Niet alleen van de aardbevingen, pardon: mijnbouwschade, ook van het (deels ingehouden) protest. Er zit niet alleen energie in de grond, maar vooral ook in de bewoners. Terwijl het gas door de leidingen vloeit, spuit de stoom uit de oren van de Groningers. Zij willen meedenken over de toekomst van hun regio. Maar daarnaast willen ze dat hun problemen serieus worden genomen en met vaart worden aangepakt. Zolang dat niet is bereikt, blijft de druk op de oren, en blijft Groningen in meerdere opzichten een energierijke provincie.

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.