Voorbijgaan aan de feiten: hoe geruchten ‘waarheid’ worden op Twitter

deurne sliderIn twee van de casussen in The Next Level hebben wij vanuit discoursanalytisch perspectief gekeken naar de rol van taal bij geruchtvorming. Onze analyse van twitterberichten rondom de zoektocht naar de vermiste broertjes Ruben en Julian laat zien hoe taalgebruik bijdroeg aan het gerucht dat de jongens waren gevonden in een vijver in Geulle. Toch bleek het ook belangrijk voor veel twitteraars om zich te onderscheiden van de sensatiezoekers, bijvoorbeeld door te vragen om verificatie of te verwijzen naar bronnen.

Zo niet in de gesprekken op Twitter kort na de overval op een juwelierszaak in Deurne. Hoewel pas zo’n anderhalve week later officieel bekend werd dat de juweliersvrouw twee overvallers had doodgeschoten, werden de gebeurtenissen vrijwel direct als feiten behandeld op social media. Al kwam in een enkele voorzichtige tweet nog de hashtag #geruchten voor, de activiteiten op Twitter suggereerden dat het voor de meesten al vaststond wat er was gebeurd.

Twitteraars waren bijvoorbeeld al direct na de eerste berichten bezig met het verantwoorden of evalueren van ‘de daad’ van de juweliersvrouw. In een groot aantal berichten werden het handelen van de juweliersvrouw en de consequenties daarvan voorgesteld als een logisch gevolg van het plegen van een overval: ‘risico van het vak’. Evaluaties hadden met name een positieve toon: het doodschieten van de overvallers werd beschreven als ‘top’ en ‘goed gedaan’. Nog vaker werd deze daad zelfs opgewaardeerd door voor te stellen de juweliersvrouw een lintje of andere beloning te geven.

tweet1

 

 

 

 

 

 

Erg opvallend in deze casus is dat ook officiële nieuwsbronnen een stellige toon hanteerden in hun berichtgeving. Verschillende nieuwsmedia erkennen dat zij te snel aannamen dat de berichten op sociale media klopten. Een veelgenoemde reden was het feit dat het nieuws dicht tegen de deadline binnenkwam en er geen tijd was om nuances aan te brengen.

Naast het benadrukken van het logische of prijzenswaardige karakter van de gebeurtenissen, anticipeerden Twitteraars ook veelvuldig op de gevolgen ervan, in strafrechtelijke termen of voor het publieke debat:

tweet2

 

 

 

 

 

 

Al een dag na de overval meldde de hoofdofficier van justitie dat er sprake leek te zijn van zelfverdediging en dat er waarschijnlijk geen straf zou worden gegeven. Er kwam veel kritiek op de snelheid waarmee deze officier van justitie deze opmerkingen naar buiten bracht. Zo werd gesuggereerd dat de snelle reactie voortkwam uit de behoefte te reageren op de discussies die zich o.a. voordeden op sociale media.

De casus ‘Deurne’ heeft geleid tot een aantal interessante observaties. Wanneer de feiten niet langer ter discussie staan, zijn andere discursieve activiteiten dominant zoals het tonen van een oordeel over die ‘feiten’ en het anticiperen op de gevolgen. Hierdoor wordt het voor de twitteraar steeds lastiger om kritische geluiden te plaatsen.

Welke lessen kunnen we hieruit trekken voor de crisiscommunicatieprofessionals die werkzaam zijn bij politie en justitie? De casus ‘Ruben en Julian’ liet al zien dat men ervoor moet waken uitspraken te doen die de aannemelijkheid van bepaalde scenario’s versterken. De ‘Deurne-case maakt duidelijk dat het daarnaast van belang is om in een vroeg stadium aan te sluiten bij het gesprek dat gaande is op sociale media en om te zorgen voor tijdige berichtgeving en regelmatige updates, zodat een kritische toon wordt bevorderd.

Bronnen:

petra sneijder

Dit is een blog van Petra Sneijder, senior onderzoeker bij het lectoraat Crossmediale Communicatie in het Publieke Domein (PubLab) van de HU-faculteit Communicatie &
Journalistiek. Vanuit die rol is ze betrokken bij onderzoeksproject The Next Level @Crisis via Crossmedia, waarin de lectoraten Crossmediale communicatie in het Publieke Domein en Regie van Veiligheid samenwerken met professionals uit het communicatie- en veiligheidsdomein.

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.