Verbeter samen het toetsprogramma: KIT 2.0!

Het KwaliteitsInstrument voor Toetsprogramma’s, KIT, is gereviseerd. Docententeams kunnen nu op een website aan de slag om hun toetsprogramma onder de loep te nemen en verbeteracties met elkaar vorm te geven.

Binnen het lectoraat Beroepsonderwijs van het Kenniscentrum Leren en Innoveren van Hogeschool Utrecht houdt Liesbeth Baartman zich vooral bezig met toetsing en beoordeling binnen het beroepsonderwijs, waarbij programmatisch toetsen een belangrijke focus heeft. Zij is geïnterviewd door Wendy Peeters over het gereviseerde KwaliteitsInstrument Toetsprogramma’s, KIT 2.0. Hieronder een samenvatting van dit interview. Het gehele gesprek kun je hier luisteren.

TOETSPROGRAMMA

Een toetsprogramma definieert Liesbeth als het geheel van alle toetsen in een opleiding. Dus als je naar een vierjarige bacheloropleiding kijkt, dan bestaat het toetsprogramma uit alle toetsen die een student meemaakt in die vier jaar. We beschouwen ook als toetsprogramma een aanwijsbaar, afgerond deel van zo’n opleiding, bijvoorbeeld het toetsprogramma van de propedeuse of van een specifieke leerlijn.

KIT 1.0 IN REVISIE

In 2008 is Liesbeth gepromoveerd op toetsprogramma’s in het beroepsonderwijs. Het KwaliteitsInstrument Toetsprogramma’s, KIT 1.0, maakte daar deel van uit. Dit was vooral ontwikkeld als onderzoeksinstrument. Het werd desalniettemin door opleidingen graag en veel gebruikt om het eigen toetsprogramma te evalueren. Een belangrijke reden voor revisie is dan ook om het instrument gebruiksvriendelijker te maken. Daarnaast zijn er in de afgelopen tien jaar nieuwe inzichten over programmatisch toetsen opgedaan in de wetenschap. Dus er is ook een inhoudelijke reden om een KIT 2.0 te ontwikkelen. Bij de revisie zijn gebruikers betrokken geweest, maar ook experts ter validering van de kwaliteitscriteria en de procedure. Daarnaast liggen er wetenschappelijke bronnen onder de kwaliteitscriteria. Een volgende stap is nog een verdere expertvalidatie en een gebruikersevaluatie.

DUIDELIJKERE FOCUS OP PROGRAMMATISCH TOETSEN

In de nieuwe versie van het kwaliteitsinstrument is veel meer rekening gehouden met de principes van programmatisch toetsen. Je kunt het niet meer gebruiken om de kwaliteit van losse toetsen te bepalen, maar moet echt het geheel van een toetsprogramma in ogenschouw nemen. Daarnaast zijn in het instrument recente wetenschappelijke inzichten meegenomen. Zo is er een meer prominente plaats voor de leerfunctie van het toetsprogramma.

GEMAKKELIJK VOOR DE GEBRUIKER: DOCENTENTEAMS

In KIT 2.0 evalueren opleidingsteams samen hun toetsprogramma. Meestal start een dergelijk proces bij één of twee kartrekkers van de opleiding. Daar sluit KIT 2.0 bij aan: de eerste stap is dat de kartrekkers vaststellen met welk doel het toetsprogramma wordt geëvalueerd, welk toetsprogramma dan wordt bekeken en wie daarbij nodig zijn. Vervolgens gaan ze informatie verzamelen en samenvatten: hebben we een overzicht van alle toetsen? Hebben we ervaringen van docenten? Van studenten? Enzovoorts. In KIT 2.0 zitten allerlei tools om deze informatie ook op te halen, zoals een vragenlijst voor studenten. In de volgende stap volgt de daadwerkelijke analyse van het toetsprogramma. Met de hele groep uitgenodigde docenten worden de kwaliteitscriteria doorlopen en besproken. De kwaliteitscriteria zijn geformuleerd als open vragen om het gesprek over te voeren, omdat kwaliteit van een toetsprogramma op verschillende manieren tot uiting kan komen. Je kunt als team de huidige situatie in kaart brengen en de gewenste situatie aan de hand van schuifjes. Het gesprek wordt afgerond met het benoemen van drie actiepunten die het team gaat oppakken. Dit hele proces wordt ondersteund door het instrument, te vinden op de website KIT 2.0.

KIT 2.0: DE WEBSITE

Zie www.kwaliteit-toetsprogramma.nl. Daar kun je je gratis aanmelden door je te registreren en in te loggen. Meteen daarna kun je aan de slag met je eigen team. Op Hogeschool Utrecht komen vanaf september 2019 ook regelmatig workshops om met je team aan de slag te gaan met KIT 2.0. Ook landelijk, bijvoorbeeld via het Platform Leren van Toetsen, worden workshops verzorgd.

 

Liesbeth Baartman is hogeschoolhoofddocent bij het lectoraat Beroepsonderwijs van het Kenniscentrum Leren en Innoveren. Daarnaast is ze als hogeschoolhoofddocent betrokken bij OnderwijsInnovatie en het Expertisecentrum Docent HBO. Liesbeth.Baartman@hu.nl
Wendy Peeters werkt op Hogeschool Utrecht als toetsexpert bij OnderwijsInnovatie en coördinator en docent BKE/SKE bij het Expertisecentrum Docent HBO. Daarnaast werkt ze als docent, assessor en toetsexpert op de opleiding Communicatie. Wendy.Peeters@hu.nl

Reageer