Communicatie over duurzaamheid verbeteren via discoursanalyse: interview met Astrid Berg

Op 23 maart ’17 vindt het eindevent van Let’s talk energy plaats: een tweejarig RAAK-onderzoek waarin Hogeschool Utrecht en Hanzehogeschool Groningen twee jaar lang samenwerkten met professionals uit het energiedomein rondom communicatie en duurzaamheid. De centrale vraag luidde: hoe kan discoursanalyse bijdragen aan een succesvolle energietransitie? In aanloop naar het event plaatsen we elke week een interview, waarin een betrokken onderzoeker of partner terugblikt op het project. De volledige eindpublicatie met een vijftal interviews is hier te lezen. 

Deze week aan het woord: Astrid Berg, docent Communicatie, Media & ICT aan de Hanzehogeschool. Als mede-auteur van de aanvraag Let’s talk energy staat zij aan de wieg van de inbedding van het thema energiecommunicatie binnen het Kenniscentrum Energie van de Hanzehogeschool.

Hoe kijk je terug op het onderzoek Let’s talk energy?
Ik ben vanaf het begin betrokken bij het project; van aanvraag tot uitvoering. Ik kijk om verschillende redenen positief terug op het project. Het was heel interessant, omdat het voor communicatieprofessionals een vrij nieuwe manier was om met lastige problematiek om te gaan, zoals weerstanden tegen nieuwe vormen van energie. Dat was heel waardevol voor de praktijk en dat merk je in contacten met professionals. Het project heeft ook veel opgeleverd voor ons communicatie-onderwijs. Discoursanalyse is toegepast in het onderwijs op de Hanzehogeschool en ook docenten zijn ermee aan de slag gegaan.

Wat waren de belangrijkste inzichten in het onderzoek?
Professionals hebben op een reflectieve manier leren kijken naar hoe mensen hun zorgen uiten. Daarmee hebben ze tools en handvatten gekregen om meer op de gesprekken rondom duurzaamheid te letten. Dat vertaalt zich dan vaak niet in ‘wat kun je precies doen?’, maar meer in een bril die je kunt opzetten om naar de problematiek te kijken. Ik heb na dit onderzoek van professionals teruggekregen dat ze nu meer afstand nemen van een gesprek, in plaats van gelijk inhoudelijk te gaan kijken naar een gesprek. Vaak zijn beslissingen al genomen en moeten professionals daar vooral nog over communiceren. Ze hebben geleerd om zorgen die worden geuit in een gesprek serieuzer te nemen.

Welke uitdagingen waren er in het onderzoek?
De tijd die het kost om deze discoursanalyse te laten landen bij mensen was 1 van de uitdagingen.Je hebt het niet van de ene op de andere dag onder de knie. Dat is steeds een uitdaging gebleven. Daarnaast was een uitdaging hoe je het concretiseert. Professionals hebben vaak behoefte aan de vertaling van inzichten in tools. Of ze willen tips voor hoe je het debat kunt ‘reframen’. Ze willen pasklare oplossingen en antwoorden waar ze direct mee aan de slag kunnen. Maar de oplossing ligt daar eigenlijk niet direct. Het was steeds een uitdaging om goed onder de aandacht te brengen dat het echt een proces is. Er was vanaf het begin veel belangstelling voor de benadering van gesprekken over duurzaamheid via discoursanalyse. De talige manier om naar problemen te kijken en het inzetten van taal als gereedschap sloot heel goed aan bij communicatiespecialisten. Daarin merkte je wel dat je echt onderscheid moest maken tussen professionals die er als communicatiespecialist zaten en beleidsambtenaars. Beleidsmakers benaderen het heel technisch en vanuit de inhoud. Die denken vanuit ‘de provincie wijst plekken aan waar de windmolens komen en hoe gaan we dat dan vertellen?’. Communicatiemensen zitten op een heel andere manier in het vraagstuk, ze hebben te maken met zorgen van burgers en kijken anders naar het probleem. Ook dat was een uitdaging, om die twee type professionals dezelfde kant op te krijgen ondanks dat ze elkaar goed kennen. Uiteindelijk is iedereen tot het inzicht gekomen dat discoursanalyse een goede manier is om weerstand te kunnen interpreteren en er mee om te gaan.

Wat zou je communicatieadviseurs adviseren voor hoe ze kunnen bijdragen aan de ambitieuze duurzame doelstellingen van Nederland?
Je ziet dat er een heel grote kloof bestaat tussen hoe mensen ergens tegenaan kijken en waar de overheid beleid op vormgeeft. Dat zie je eigenlijk op heel veel gebieden: op het gebied van duurzaamheid, maar ook bij immigratie. Er zit wrijving in wat mensen willen en wat de duurzaamheidsdoelstellingen zijn. Vaak kun je ook geen andere oplossingen bieden. Communicatieprofessionals staan in deze publieke context dikwijls voor een duivels dilemma: ze moeten met beleid omgaan waar niet veel meer aan te veranderen is. Wat je ziet op inspraakavonden, is dat de emoties van burgers vaak niet serieus geworden worden. De zorgen worden niet geregistreerd en er wordt heel inhoudelijk gereageerd. Mensen worden niet op waarde geschat en ik denk dat daar veel meer aandacht aan besteed kan worden. Vooral beleidsmakers kunnen daar nog wat slagen in maken. Met inzichten uit discoursanalyse kan de manier waarop wordt gecommuniceerd verbeterd worden. Het is de toon die de muziek maakt!