Dirk Ploos van Amstel: bruggenbouwer tussen de gemodelleerde wereld en de ontwerppraktijk

Even voorstellen: Dirk Ploos van Amstel, sinds september 2014 werkzaam bij het PubLab naast zijn werk voor Communication & Multimedia Design (CMD) en zijn eigen ontwerpstudio. Bij het PubLab doet hij praktijkgericht onderzoek naar de wijze waarop ontwikkelde modellen en tools vanuit het project Touchpoints in de dagelijkse praktijk terecht komen en hoe deze vertaald kunnen worden naar het onderwijs.

Kan je iets vertellen over je achtergrond?
Ik studeerde New Media & Digital Culture aan de Universiteit Utrecht. Lang geleden heb ik ook een jaar een opleiding meubelmaken gevolgd, omdat creëren er al vanaf jonge leeftijd in zit. De opleiding was voor mij uiteindelijk veel te praktisch. Vanuit mijn master kwam ik bij een communicatiebureau terecht. Al heel snel ben ik daarin de creatieve kant opgegaan. Het begon met web-en interactiondesign en vanuit die wereld ben ik uiteindelijk bij Hogeschool terecht gekomen. Eerst bij digitale communicatie, daarna bij CMD. Vanuit CMD heb ik bewust de link met het PubLab opgezocht, omdat ik gedrag en onderzoek daarnaar heel interessant vind. Wat me vooral aanspreekt in gedrag in het publieke domein is de maatschappelijke relevantie. In het bedrijfsleven miste ik die relevantie, omdat het daar vooral om geld gaat en uurtjes maken.

Naast mijn werk bij het PubLab begeleid ik afstudeerders bij CMD. Grote klassen en ‘lesjes afdraaien’ vond ik minder leuk. Voorheen heb ik ook een tijd Nieuwe Dingen Doen begeleid, waarin ik projecten met studenten opstartte, met echte opdrachtgevers.

Kan je meer vertellen over hoe onze modellen in de praktijk gebruikt worden? 
We zoomen in op het Persuasive by Design model en de Behavioural Lenses die binnen Touchpoints ontwikkeld zijn. Ik interview ontwerpbureaus over de manier waarop ze de modellen gebruiken. Uiteindelijk is het doel om op basis van die interviews de modellen te verbeteren en aan te vullen. Het beeld dat ik nu vooral heb, is dat de werkelijkheid heel grillig is. Er is altijd weinig tijd en een opdrachtgever die van alles wil. Er wordt veel minder methodisch gewerkt dan dat wij hier denken. En ergens snap ik dat ook wel, omdat ik zelf uit de praktijk kom en weet hoe het werkt met creativiteit. Er wordt in zo’n ontwerpproces van alles bij gepakt, soms achteraf, om dingen te kunnen verantwoorden. Je merkt dat bureaus die betrokken waren bij de ontwikkeling van de modellen de modellen erbij pakken en het goed begrijpen, maar de anderen nog niet. Ons doel is om te zorgen dat ook bureaus met minder achtergrondkennis het kunnen toepassen.

Wat is de grootste uitdaging om de inzichten vanuit Touchpoints in het Communicatie-onderwijs van de HU te krijgen?
In het onderwijs is het haast nog lastiger dan in de praktijk. De realiteit is dat er lang wordt nagedacht over onderwijsontwikkeling, daar moet je proberen tussen te komen om in die ontwikkeling mee te gaan. In het nieuwe curriculum van CMD is Touchpoints nu geïntegreerd: in het vak Design for User Experience geven we nu workshops vanaf jaar 1. Ook zijn we bezig met een animatie, die de Touchpoints-modellen op een bijna kinderlijke manier uitlegt, stap voor stap.
CMD-studenten, maar ook docenten vinden het moeilijk om met de modellen te werken. De lenzen zijn vooral bedoeld in de onderzoekende fase, om bijvoorbeeld je doelgroep scherper te krijgen. Over de generatieve fase van een ontwerp, wanneer de oplossing bedacht moet worden, zegt het model minder. Studenten zoeken veel meer een model dat ze echt begeleidt in het ontwerpen en in de strategiefase.

Je bent ook ontwerper. Hoe gebruik je je  ervaring als ontwerper in je werk voor de HU? 
Het zijn nog 2 gescheiden werelden, maar het lijkt me heel leuk om ze dichter bij elkaar te brengen. Tegelijkertijd is dat lastig. Ik zie wel aansluiting bij mijn benadering bij ontwerpen. Ik wil niet zomaar dingen maken om het maken of om iets moois te maken. Dat is natuurlijk wel leuk, maar ik zoek altijd een aanleiding of probleem om tot een ontwerp te komen. Gedrag kan zo’n aanleiding zijn. De Moep bijvoorbeeld (zie foto rechts) is een stoel en wiegje in 1, die ik ontwierp toen ik zelf net vader was. Bij een goed ontwerp hoef je niet eens expliciet uit te leggen wat die aanleiding is. In de productontwerpwereld waar ik zit gebeurt dat aanleidingsgerichte ontwerpen wel eens, maar lang niet altijd. De meesten maken ‘gewoon’ mooie dingen.

Wat vind je dat er beter zou kunnen bij communicatie in het publieke en ontwerp daarbinnen?
Het eerste dat in de opkomt is de OV-chip, in mijn ogen is dat een ontwerpblunder, of in ieder geval vanuit gebruikersperspectief heel slecht. Dat hele uitcheckprincipe zit niet in ons, dat zou overbodig gemaakt moeten worden.

Hoe effectief is je eigen communicatie?
Een goed voorbeeld daarvan is opvoeding. Dingen zelf wel doen die je je dochter verbiedt. Een ander voorbeeld: ik hou niet van bellen. Dat vind ik geen fijne manier van communiceren, terwijl dat natuurlijk wel heel gebruikelijk is. Vrienden weten inmiddels dat mij bellen weinig zin heeft, omdat ik toch niet opneem. Het schijnt dat mijn opa ook een hekel had aan bellen, dus het komt niet van een vreemde ;-).

Wat zijn je plannen en ambities bij de HU? 
Het PubLab vind ik een geweldig leuke plek. Ik zou graag de de echte ontwerppraktijk willen blijven onderzoeken, daar nog meer contact mee hebben en samen nieuwe tools ontwikkelen. We kunnen vanuit het PubLab van alles bedenken, maar hoe gaat het in de praktijk? Ik vind het belangrijk om dat gevoel te blijven houden.

Heb je nog een tip aan studenten voor hoe ze met het PubLab kunnen samenwerken?
Volgens mij weten studenten ons best te vinden. Ik zou zeggen: niet te bang zijn en gewoon aankloppen als je iets hebt en projecten gaan doen om daar die kansen te pakken. Voor september gaan we bijvoorbeeld een project bij de KNVB starten, als je dat leuk vindt: schrijf je daar dan voor in, dan ga je vanaf jaar 2 of 3 al met gedragsverandering aan de slag als je dat leuk vindt!

Lees blogs die Dirk schreef voor PubLab.

Filmpje van Dirk Ploos Van Amstel, die de German Design Award 2017 kreeg voor zijn innovatieve wandkapstok: