Even voorstellen: Jonas Moons

 Even voorstellen: Jonas Moons, sinds september 2015 werkzaam bij PubLab

Hoe ben je bij PubLab terecht gekomen?
Ik werkte bij de opleiding Bedrijfscommunicatie op de HU. Daar gaf ik les in onderzoeksvaardigheden. Mijn leidinggevende wees mij op het bestaan van PubLab en dat het misschien interessant zou zijn voor mij. In het begin heb ik een kleine aanstelling gehad, waarbij ik ook werkte bij het Lectoraat Methodologie van Praktijkgericht Onderzoek (MPO). In de loop van tijd paste PubLab steeds beter bij mij en vond ik steeds meer mijn plek. Tegenwoordig zit ik voor de helft in het onderwijs en voor de andere helft bij PubLab.

Wat is je rol bij PubLab?
Ik heb verschillende taken, maar ik zie mijn rol als een soort methodologische/statistische sidekick. Ik ondersteun of werk samen met anderen in een project, waarbij ik mij met name richt op de statistische of methodologische vraagstukken. Daar geef ik dan advies over. Ook wanneer er iets geprogrammeerd moet worden of een bepaalde complexere analyse moet worden uitgevoerd, ga ik uitzoeken hoe dat dan moet worden gedaan. Ik ben geen statisticus, maar ik weet er wel het één en ander van. Iemand anders is vaak inhoudelijk de deskundige. Mijn kracht zit in het helpen van mensen bij het doen van hun analyse en in het bedenken van hoe dat kwantitatief op te lossen zou zijn.

Waar heb je die kennis opgedaan?
Dat is eigenlijk een beetje gaandeweg gegaan. Met de jaren heb ik van alles meegepikt. Ik heb een bachelor gedaan in Kunstmatige Intelligentie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Daar leerde je bijvoorbeeld programmeren, maar het had ook een heel psychologische insteek. Ik kreeg dus veel psychologievakken, ik leerde hoe ik een experiment moest opstarten en hoe ik die data kon analyseren in een programma zoals SPSS. Later heb ik nog een research master gedaan in Cognitive Neuroscience. Daarbij ging het met name over hoe het brein informatie verwerkt. Daarna heb ik een tijdje commercieel marktonderzoek uitgevoerd.

De laatste jaren ben ik vooral zelf bezig met de programmeertaal R en diverse soorten kwantitatieve analyses. Ik ben in Londen geweest voor een summer school bij de London School of Economics (LSE), over machine learning en big data. Daar leerde ik over verschillende soorten algoritmes, dus manieren waarop data verwerkt kan worden. Het is eigenlijk een aanvulling op dingen die ik ook al in mijn studie heb gehad. Je kunt het ook heel goed zelf leren, bijvoorbeeld via blogs en Twitter.

Hoe zou jij je verder willen ontwikkelen bij PubLab?
Ik zou het leuk vinden om aan de slag te gaan met nog complexere modellen, grotere datasets en ingewikkeldere analyses. Het is een uitdaging om jezelf te blijven ontwikkelen met onderwijs en lopende onderzoekstaken, maar het gaat ook geleidelijk. Ik vind dat doen de beste manier van leren is. Eigenlijk leer je het meeste door een project aan te pakken. Zo heb ik met Maarten ter Huurne de teksten van een groot aantal online profielen automatisch geanalyseerd. Althans, voor ons was het groot. Voor bedrijven als Facebook en Google zijn het minuscule aantallen.

Wat ik heel interessant vind, is hoe je gedrag van mensen kunt meten, op een manier die min of meer ongemerkt gaat. Wat we klassiek doen, is dat we mensen een vragenlijst laten invullen of we laten ze een dagboek invullen waarbij we bijvoorbeeld aan mensen vragen wat ze hebben gedaan. De mensen weten dat ze geobserveerd worden. Dat heeft ongetwijfeld effect op hun gedrag, waardoor het minder betrouwbaar en valide wordt. Met de huidige technologische ontwikkelingen zie je dat we onopgemerkt het gedrag kunnen meten, bijvoorbeeld met mobiele telefoons, bewegingsmeters en sensoren. Neem bijvoorbeeld de stappenteller op de iPhone of een andere smartphone. Elke iPhone heeft een stappenteller die standaard aan staat. De meetfout van zo’n stappenteller is minimaal vergeleken met een vragenlijst. Ook wordt steeds meer data gegenereerd op social media zonder dat mensen doorhebben dat de data verzameld wordt. Wat je dus ziet, is dat je steeds beter meetbaar kunt maken wat mensen doen, waardoor je vervolgens ook kunt voorspellen wat ze gaan doen. Dat kunnen we in de psychologie nog niet goed. Menselijk gedrag blijft namelijk ingewikkeld.
Wat ik echt gaaf vind om te doen, is het maken van een bepaald model dat iets kan voorspellen en dan te laten zien dat het werkt. Dat is iets persoonlijks hoor. Ik vind het prettig als iets tastbaar, concreet en meetbaar is en dat je het kunt vertalen naar de praktijk. Ik kan ook erg genieten van bijvoorbeeld een gedicht, maar in mijn werk vind ik het fijn wanneer dingen concreet en tastbaar zijn.

Wat vind je leuk aan werken bij het PubLab?
De positieve sfeer en ruimte voor eigen initiatief. Mensen kunnen hun inbreng geven. Als je een goed idee hebt, mag je gewoon beginnen. Bovendien mag je jezelf zijn. Dat klinkt vaag, maar je mag op een manier werken die bij jou past. Er is ruimte voor verschillende soorten onderzoekers en mensen. Niemand hoeft te voldoen aan een ideaal stereotype. Wat ik ook heel waardevol vind, is de praktische en maatschappelijke relevantie van projecten.