Design for Health

Wil je handige technologische, innovatieve producten helpen ontwikkelen die het werk van zorgverleners veiliger, sneller en/of comfortabeler maken? Lijkt het je leuk om dit te doen in een multidisciplinair team van studenten engineering en zorg? Bij de minor Design for Health (D4H) bedenk, ontwerp en bouw je voor een echte opdrachtgever slimme en bruikbare producten om problemen in de praktijk van de gezondheidszorg op te lossen. 

De minor D4H is bedoeld voor voltijdstudenten van binnen en buiten de HU met een achtergrond in engineering, ontwerp, communicatie-, media- en informatietechnologie en technische bedrijfskunde; en studenten met een achtergrond in gezondheidszorg zoals verpleegkunde, fysiotherapie, medische hulpverlening en overig paramedisch. We verwachten dat je fulltime werkt aan de projecten. Dat is dus een normale werkweek van vijf dagen met een inzet van 36-40 uur, voor de 20 weken die hiervoor staan.

Toelating

Je moet een propedeusediploma hebben voor een van de volgende opleidingen: Werktuigbouwkunde, Verpleegkunde, Industriële productontwikkeling, Technische bedrijfskunde, Electrotechniek, Fysiotherapie, Communicatie- en Multimedia Design, ICT, Ergotherapie, Built Environment, Medische Hulpverlening, Management in de Zorg, Product Design of vergelijkbare studies. Mocht je een andere opleidingsachtergrond hebben, overleg dan met de minorcoördinator.  

De examencommissie van je opleiding heeft van tevoren vastgesteld welke HU-minoren geen hbo-niveau en/of een onacceptabele overlap hebben met het verplichte curriculum van je opleiding. Check op de pagina Niet toegestane minoren onder jouw instituut of er minoren zijn die je niet mag volgen. Deze pagina zal vanaf 25 februari geüpdatet zijn voor minoraanbod 2023-2024.

Inhoud

Je werkt in de vorm van een ontwerpbureau vanuit Hogeschool Utrecht (HU) in multidisciplinaire teams. Jouw projecten komen van opdrachtgevers uit de zorg en/of het bedrijfsleven, zoals van het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU). Jouw projecten zijn dus gebaseerd op echt bestaande problemen waarvoor een innovatieve oplossing gezocht wordt. Handige producten kunnen het werk van zorgverleners veiliger, sneller en/of comfortabeler maken. Zo wordt het verrijden van ziekenhuisbedden lichter met rijondersteuning (minder fysieke belasting voor de verpleegkundige), activeren we patiënten met een uitdagend spel, helpen we verpleegkundigen om makkelijker een drainpot (opvang van wondvocht) af te lezen, en houden we met een kunststof klem de infusie- en andere lijnen bij een patiënt uit elkaar. 

Je onderzoekt in de zorgpraktijk wat de behoeftes zijn, via observaties en interviews met gebruikers zoals zorgverleners en patiënten. Door (markt)onderzoek bepaal je waar de kansen zijn voor een technische innovatie. Voor het benodigde extra inzicht zoek je in de literatuur of benader je experts. Je ideeën toets je aan het begin van de opdracht en tijdens het project regelmatig bij de eindgebruikers en andere stakeholders. Je doet dit door middel van snelle schetsen en modellen. Zo kom je in meerdere iteraties (verbeterslagen) tot een optimaal eindresultaat dat praktisch en financieel haalbaar is.  

Docenten van de HU en ontwerpers van de betrokken partners ondersteunen je met theoretische en praktische kennis die aansluit op jouw vooropleiding. Het gaat om kennis op het gebied van productontwikkeling voor de zorgpraktijk, design thinking, medische regelgeving en rapid prototyping.

Leerdoelen

Je leert om in multidisciplinaire teams te werken aan de ontwikkeling van nieuwe technologische oplossingen voor de zorg. Je kunt gebruikmaken van de aangeleverde methode en tools voor productontwerp (gebaseerd op design thinking) om onderzoek te doen naar de behoeften van gebruikers, en je kunt daarmee een financieel haalbaar en realiseerbaar ontwerp maken. De gekozen oplossing sluit zoveel mogelijk aan op de wensen en behoeften van de gebruikers en je hebt de diverse stakeholders nauw betrokken in het gehele proces.

Cursussen

We starten in de eerste week van de minor met een 5-daagse Bootcamp, waarin we (studenten en docenten) elkaar beter leren kennen, de projectgroepen samenstellen en met elkaar het design thinking, medisch productontwerp, prototyping en de wereld van de zorg gaan ontdekken. In deze week wordt een basis gelegd voor de multidisciplinaire samenwerking in de projecten. 

Je voert twee projecten naast elkaar uit, dus je zit in twee verschillende projectgroepen: een maandag-dinsdag-project en een donderdag-vrijdag-project. Dit zijn dus de dagen dat je aan deze projecten werkt. Per project krijg je een tutor toegewezen die jullie begeleidt. Elke woensdag zijn er bijeenkomsten met terugkoppeling en of (gast)colleges en workshops. 

De minor heeft twee cursusdelen: de cursus Toegepast onderzoek (deadline periode B: week 1) en de cursus Projecten (deadline periode B: week 9).

A Cursus Toegepast onderzoek/Applied Research

Je zet een onderzoek of experiment (mede) op en voert dit uit in het kader van het ontwerptraject. Je schrijft er een onderzoeksartikel over, zodat je je kennis effectief kunt overdragen aan peers (studenten), opdrachtgever en andere stakeholders. Om een innovatief product of systeem voor de gezondheidszorg te kunnen ontwikkelen is nieuwe kennis nodig over de gebruikers, hun werkwijze en de context van gebruik en toepassing. Daarvoor zijn meerdere (deel)onderzoeken nodig. Denk bijvoorbeeld aan het observeren van handelingen van verpleegkundigen tijdens het uitvoeren van hun zorgtaak, het testen van eerste prototypes en het uitvoeren van een experiment om de drukkracht van een specifieke handeling te meten. Voor een eerder project in portietoediening van sondevoeding hebben studenten een testopstelling gemaakt om te meten hoeveel drukkracht de verpleegkundige uitoefent op de spuit met voeding. Het nieuw te ontwikkelen product moest minder drukkracht gaan kosten voor die verpleegkundige. Voor het onderzoek bekijk je wat er al bekend is in de (vak)literatuur over de onderzoeksvraag of de methode. 

Op basis van de opdracht van de opdrachtgever ga je met je projectteam na welke informatie nodig is om het product te kunnen ontwerpen. Je stelt hiervoor de onderzoeksvragen op en voert het onderzoek met elkaar uit. Je schrijft op persoonlijke titel een gestructureerd onderzoeksartikel over één van de onderzoeken in één van de twee projecten waar je aan werkt. Hieronder geven we wat voorbeelden van onderwerpen:

  • Observaties: je wilt weten hoe verpleegkundigen werken om te bepalen welk product ontworpen kan worden; je wilt weten hoe iemand een transfer van een rolstoel naar een hand-aangedreven waterfiets maakt voor beter ontwerp van de instap en zitting hiervan; je observeert tijdens een operatie waarbij een deel van een nier verwijderd wordt door een chirurg, om de eisen te kunnen bepalen waaraan je operatietangetje moet voldoen. 
  • Experimenten: je test de drukkrachten die verpleegkundigen moeten uitoefenen voor een bepaalde handeling of resultaat, zoals de spuit voor sondevoeding; je gebruikt een nier van een varken om hands-on manieren te zoeken (oplossingsrichtingen) om deze deels af te klemmen voor ontwikkeling van een nieuwe operatietang.
  • Sessies: je houdt een sessie met verpleegkundigen of andere gebruikers om de praktijkproblemen met betrekking tot registratielast te inventariseren en bespreken, met als doel een nieuw hulpmiddel voor sneller werken. 
  • Toetsen modellen: je presenteert meerdere oplossingsrichtingen aan meerdere gebruikers voor het gegeven probleem en verwerkt de input voor een nieuwe versie.

Naast de uitgebreide onderzoeken doe je ook kleinere onderzoeken, zoals literatuuronderzoek, marktonderzoek, technologieonderzoek en normenonderzoek – dit heet ‘desk research’. Deze onderzoeken zijn meestal te klein voor een apart onderzoeksartikel, dus verwerk je de resultaten kort in je ontwerpdossier. 

B Cursus Projecten

Je zet twee projecten (mede) op en voert ze uit. Aan het eind van de trajecten draag je ze effectief over aan de opdrachtgevers en andere stakeholders. Voor beide projecten maak je gebruik van een ontwerpdossier. Je werkt in totaal 20 weken in multidisciplinaire teams van ongeveer vijf studenten aan de opdrachten van de opdrachtgevers. Voor de twee projecten heb je dus twee verschillende onderwerpen, twee verschillende teams en mogelijk ook twee werklocaties. Je krijgt per project een docent (tutor) aangewezen. Die begeleidt na een intensievere start om de week het project en het projectteam. 

Alle projecten komen van een opdrachtgever met een vraag uit de zorgpraktijk. In de eerste weken oriënteer je je op het probleem en het onderzoek (zie andere cursusdeel). Dit staat niet los van het projectdeel, want de onderzoeken die jij en je groepsgenoten hebben verricht, heb je nodig om je innovatieve oplossing (verder) te ontwikkelen, bouwen en testen. Je gaat daadwerkelijk ideeën schetsen en uitwerken, modelletjes bouwen – van papier of op de computer in 3D ontwerpen en printen en dergelijke. Vervolgens test je die ideeën en modellen bij bijvoorbeeld gebruikers. De input verwerk je weer in nieuwe versies. Daarnaast denk je na over je businesscase: welke kosten en opbrengsten verwacht je van jouw innovatieve oplossing, financieel en maatschappelijk? Tijdens het project bouw je een ontwerpdossier op en houdt dit goed bij, om zo je gemaakte keuzes en het eindresultaat van het prototype te onderbouwen en verantwoorden. In week 20 presenteer je je innovatieve oplossing (een model of prototype) aan de opdrachtgevers en andere betrokkenen.

Toetsing

A: Ter afsluiting van de cursus Toegepast onderzoek/Applied Research schrijf je een gestructureerd onderzoeksartikel, hierboven kun je lezen wat we hieronder verstaan. 

B: Het project toetsen we aan de hand van een ontwerpdossier dat je oplevert en een eindpresentatie voor de opdrachtgevers en andere betrokkenen. Je ontwerpdossier (digitale folder) bevat een overzichtsdocument waarin je jouw aanpak, keuzes en resultaten beschrijft. Daarnaast bevat je ontwerpdossier meerdere documenten met onderzoeken (uitgebreide onderzoekartikelen en kortere deskresearch), factsheets, schetsen op papier of digitaal, foto’s en plaatjes, de gebruikte tools en instrumenten, etcetera. Doel is om het ontwerpproces en de resultaten goed te documenteren, zodat je een volgend projectteam en de opdrachtgever(s) kunt informeren. 

Literatuur

Verplicht lesmateriaal is het boek Ontwerpen voor Zorg en Welzijn van J. van ’t Veer, E. Wouters, M. Veeger & R. van der Lugt (2020). In dit boek wordt gewerkt aan de hand van het Double Diamond-model voor productontwerp. Dit boek biedt specifieke tools om gebruikers en andere stakeholders actief te analyseren en betrekken. De minor volgt de fases voor productontwerp die in het boek beschreven zijn.

Rooster

Maandag en dinsdag: project 1.
Woensdag: werkcolleges (presentaties of inhoudelijk college).
Donderdag en vrijdag: project 2.

De les- en toetsroosters worden, met uitzondering van de eerste onderwijsperiode van het studiejaar (start september), altijd vier weken voor de start van iedere onderwijsperiode op Mijn Rooster geplaatst. Het rooster voor de eerste onderwijsperiode van het studiejaar is drie weken voor de start vindbaar op de site. Op Mijn Rooster is altijd het meest actuele rooster zichtbaar. 
 
Op de HU mag voltijdonderwijs geroosterd worden tussen 08.30 en 19.00 uur. 

Extra kosten

Ongeveer 50 euro voor 2 projecten.

Reviews

“Ik ben doktersassistent geweest en koos voor deze minor omdat ik mijn design-kennis wilde koppelen aan mijn hart voor de zorg. Dat is zeker gelukt. Samen met andere studenten hebben we iets bedacht voor een jonge vrouw die na een hersenbloeding niet meer kan lopen, eten en praten. Zij wilde graag zelfstandiger worden om meer plezier in het leven te krijgen. Wij hebben ingezoomd op het communiceren, en hebben een prototype gemaakt waarmee ze met bewegingen van haar lichaam haar spraakcomputer kon bedienen. 

Je doet de projecten in multidisciplinaire teams, en dat vond ik erg leuk. De verpleegkundigen denken vanuit de patiënten, de techniekstudenten richten zich meer op de feiten en ikzelf ben meer creatief. Dat je tegelijkertijd aan twee projecten werkt, vond ik lastig omdat bijvoorbeeld het maken van een ontwerpdossier veel werk is. Maar nu ligt er een implementatieplan waarmee een volgend team verder kan!” 

Willemijn, student Communication and Multimedia Design, Hogeschool Utrecht, 27 jaar 

“Ik leer vooral veel over de zorggerichte kant van techniek, omdat ik al een technische studie doe. Wat ik me bijvoorbeeld nooit had gerealiseerd is dat bij ziekenhuizen ook veel werktuigbouwkundigen werken, daar zijn hele engineersafdelingen met technische werkplaatsen.” 

“Het meest leerzaam voor mij is het samenwerken met mensen uit andere studierichtingen.” 

“Om deze minor leuk te vinden moet je niet alleen techneut zijn, maar ook mensen in de zorg willen helpen. Je betrekt bijvoorbeeld ook zorgverleners en patiënten bij je projecten, en ook de communicatieve kant daarvan moet je aanspreken. Zelf vind ik dat heel leerzaam en interessant.” 

Ronan, student Werktuigbouwkunde HU, 21 jaar 

Switch to English English